29-10-10

Progressieve frontvorming: dom of niet dom?

De oproep van ABVV-voorzitter Rudy De Leeuw tot progressieve frontvorming tegen de N-VA heeft ook deining veroorzaakt binnen de sp.a. De partijleiding vindt het initiatief van de socialistische vakbond immers niet verstandig (1), terwijl heel wat partijmilitanten juist zaten te wachten op een krachtig signaal tegen De Wever: tot hier en niet verder! Of de zet van Rudy De Leeuw nu tactisch verstandig is of niet, daar kan over gediscussieerd worden. De vraag is of het nog toegelaten is om De Wever aan te vallen zonder de stempel van domoor op je voorhoofd gedrukt te krijgen. Je kan met evenveel, zo niet meer recht en reden argumenteren dat je De Wever alsmaar sterker maakt door hem nooit te durven tegenspreken.

DSC05338.JPGDe oproep van De Leeuw verdient steun, zowel inhoudelijk, tactisch als strategisch. Inhoudelijk omdat ze duidelijk waarschuwt tegen het gevaar voor ondergraving van de welvaartsstaat en sociale cohesie ten gevolge van een (gedeeltelijke) splitsing van de sociale zekerheid en de personenbelasting. Tactisch omdat het dringend tijd werd om een deuk te geven in het onaantastbaar gewaande politieke leiderschap van Bart De Wever in Vlaanderen. Je kan de oproep immers ook beschouwen als een schot voor de boeg, want sindsdien beslisten de sp.a en Groen, en vervolgens ook de CD&V om het splitsingsvoorstel van B-H-V in de kamer niet te steunen. De N-VA stond geïsoleerd en haalde bakzeil. Vandaag heeft Bart De Wever zelfs lovende woorden over de aanpak van koninklijk bemiddelaar Johan Vande Lanotte. Tenslotte is de ABVV-oproep ook strategisch een goede zet omdat De Wever zich meer en meer ontpopt als de figuur waarrond rechts in Vlaanderen zich hergroepeert, terwijl links versnipperd en dus verzwakt dreigt achter te blijven. Niks verkeerd dus met een oproep tot progressieve frontvorming (2).

Er is maar één maar. Vasthouden aan het status-quo op het vlak van de staatshervorming en overkomen als de laatste Belgicisten is evenmin een optie. De Belgische ‘gefedereerde’ staat is inderdaad ondoorzichtig, gecompliceerd en dus ondemocratisch. Bovendien is België effectief een relikwie uit het verleden, maar dat zijn alle ‘nationale staten’ in Europa. In een geglobaliseerde economie dreigden de Europese dwergen immers meer en meer van de kaart te worden geveegd. Juist daarom werd de EU opgericht! Op dat vlak heeft Bart De Wever dan ook een zeer sterk punt. Alleen is zijn “ijzersterke logica” gebaseerd op een fata morgana. Want het democratisch deficit dat hij in België aan de kaak stelt, is nog honderd keer acuter in Europa. Maar daarover zwijgt hij. 

Wat uiteindelijk ontbreekt bij “links” (ook bij de PS) is een duidelijk programma voor de democratisering van de Belgische staat (en wat dat betreft, ook van de EU). Op dat terrein heeft Bart De Wever vrij spel, en dat maakt hem juist zo sterk. Het debat over de financiering van de staat (belastingen) en de  besteding van de middelen (beleid), is echter in de eerste plaats een debat tussen de wereld van de arbeid (links) en die van het kapitaal (rechts). Zo moet de oproep van het ABVV begrepen. En dat is niet “dom” (1).

 

(1) Het gebruik van woorden als “dom” en “onverstandig” binnen de beweging werkt polariserend en is dus misplaatst. Eenheid van links is echter niet hetzelfde als eensgezindheid van links. Meningsverschillen kunnen vervelend zijn, maar zijn in feite juist nodig om via democratisch debat tot een betere besluitvorming te komen. Op dat vlak is er nog veel werk aan de winkel…    

 

(2) zie ook mijn stukje van 15 juni 2010: "Voor een progressief front tegen De Wever"

 

11:16 Gepost door Jan Lievens in politiek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: de wever, staatshervorming, sp.a, abvv, rudy de leeuw |  Facebook |

22-10-10

Verdedig de welvaartsstaat!

Hier volgt een kleine update van de vorige bijdrage die geschreven werd vlak nadat Di Rupo de nota van De Wever had verworpen. De tekst werd snel geschreven en meteen gepubliceerd, zonder tijd om rijpen. Bij gebrek aan printer kon ik ze niet nauwgezet nalezen. Ik verontschuldig me dan ook voor gebeurlijke schrijf- en tikfouten en andere slordigheden.

 

p15_8534manif_g20_london361__600_x_600_.jpgDe “clarificateur” had een hele nacht wakker gelegen van het franstalige afwijzingsfront, och arme. Tja, hij wou toch duidelijkheid? Sinds die infame zondag, vond Caroline Gennez de snelle afwijzing van de nota De Wever door de “Franstaligen” dom en onverantwoord. Paul Magnette kwam daarna doodleuk vertellen dat de nota De Wever voor 90 procent oké was en dus toch kon dienen als basis voor verdere onderhandelingen. De koning stuurde Johan Vande Lanotte vervolgens het veld in om te bemiddelen, en de N-VA voelde zich daardoor op de tenen getrapt omdat ze niet werd geraadpleegd. En daarbij, “de formule met zeven was tot op de draad versleten". Gelukkig is er één lichtpuntje: de oproep van ABVV-voorzitter Rudy De Leeuw tot progressieve frontvorming tegen de N-VA.

 

Dezelfde commentatoren die vier maanden geleden nog optimistisch waren voor een snel akkoord tussen De Wever en Di Rupo, doen inmiddels een wanhopige oproep op hun verantwoordelijkheidszin. De politieke crisis is echter niet te herleiden tot kinderachtige spelletjes van politici die zich gekrenkt voelen, maar illustreert in werkelijkheid de doodsstrijd van het ‘Belgische compromis’ zoals eerder verwoord door Leterme en bevestigd door De Wever (en uitgelegd in vorige bijdrage). Ons fameuze model, aangeprezen in brandhaarden van Jeruzalem tot Kaapstad, is echter gebaseerd op geld, zeer veel geld. Vandaar dat het in armere gebieden in de wereld niet werkt. Politicologen verwijzen vaak naar de drie breuklijnen die België verdelen: de levensbeschouwelijke (tussen vrijzinnigen en katholieken), de communautaire (tussen Vlamingen en Franstaligen) en de ideologische (tussen progressieven en conservatieven). Deze tegenstellingen werden in de naoorlogse periode ‘overbrugd’ omdat er voldoende geld werd tegen aangegooid: twee schoolnetten, zeven regeringen en een uitgebreid sociaal vangnet. Dat alles was op zijn beurt mogelijk door economische groei. Die hele constructie staat vandaag op losse schroeven: de schoolstrijd is uitgemond in de overwinning van het katholieke onderwijsnet, de staatshervorming is geëindigd in een regimecrisis en de mazen van het sociale vangnet vertonen steeds grotere gaten.

 

Met het uitbreken van de crisis in het midden van de jaren 1970, begon de staatsschuld razendsnel te stijgen, van ongeveer 60 procent van het BNP in 1975 tot 134,1 procent in 1993. Tussen haakjes, in de financieringswet van 1989 die de dotaties regelde voor gemeenschappen en gewesten, was een ingebouwd besparingsmechanisme voorzien dat Wallonië en de Franstalige gemeenschap in financiële moeilijkheden bracht. Dat geldtekort was vooral voelbaar in het Franstalig onderwijs, dat met de regelmaat van de klok op straat kwam om meer middelen te eisen, geld waarover de Franstalige gemeenschap niet beschikte. Daardoor kwam de bal opnieuw in de schoot van de federale regering terecht. Onder de paarsblauwe regering van Verhofstadt kregen gemeenschappen en gewesten extra middelen toegestopt, waardoor de communautaire vrede voor de zoveelste keer kon worden ‘afgekocht’. Tegelijkertijd, mede dankzij een fikse economische groei, wist de federale overheid de staatsschuld terug te dringen tot 84,22 procent van het BNP in 2007.

 

Sinds het uitbreken van de financiële crisis is deze schuld echter opnieuw opgeklommen tot boven de 100 procent van het BNP, en dat mag niet van Europa. De federale overheid, die nog altijd instaat voor het leeuwendeel van de ontvangst van de financiële middelen (personenbelasting, vennootschapsbelasting, BTW, accijnzen…), deelt echter een zeer groot deel van dat geld uit aan de gewesten en gemeenschappen en dreigt daardoor zijn eigen kerntaken, waaronder het in stand houden van de sociale zekerheid, niet meer te kunnen financieren. Conservatief Vlaanderen, die in De Wever zijn nieuwe leider heeft gevonden, verbergt de aanval tegen de welvaartsstaat (die je overal ziet in Europa) achter een communautair rookgordijn: “Kijk eens naar die geldverslindende Belgische staat, gedomineerd door de potverteerders van de PS. De "Franstaligen" of "luie Walen", (dat andere volk met zijn andere cultuur, weet je wel?)  maken schoon weer met onze “Vlaamse” zuurverdiende centen. En wij, Vlamingen, zijn afhankelijk van dat verfoeide België dat zelfs onze sociale zekerheid niet meer kan betalen! Het perverse van die redenering is dat er gesuggereerd wordt dat de sociale zekerheid moet gesplitst worden om ze te redden uit de klauwen van een federale overheid die systematisch werd ontmanteld... door dezelfde federale splitsingslogica! Weg dus met die slecht bestuurde en geldverslindende (welvaart)staat, laten we ze doen “verdampen” in Europa!

 

Met andere woorden: voor links moet de echte discussie draaien rond het behoud en, gezien de schrijnende gevolgen van de crisis, VERSTERKING van de welvaartsstaat. Hoe zullen we de bijna 300.000 armen van het Brussels Gewest uit hun miserie halen? Hoe zullen we ons wettelijk pensioenstelsel en de gezondheidszorg versterken zodat ze opgewassen zijn tegen de uitdagingen van een grijzer wordende samenleving? In plaats van akkoord te gaan met 25 miljard noodzakelijke bezuinigingen, moeten de “progressieven’ vechten voor minstens 150 miljard extra middelen (dat is het cijfer dat door experts naar voor wordt geschoven om de extra kosten van de vergrijzing te kunnen financieren)! Daarover moet het debat gaan: waar zullen we dat geld vandaan halen? Bij de wereld van de arbeid, of bij die van het kapitaal?

 

Wel, op dat vlak hebben we als linkse beweging in Vlaanderen de keuze: zullen we dat gevecht alleen voeren binnen een zelfstandiger Vlaanderen, of zullen we het samen doen met onze bondgenoten in Wallonië? Het antwoord lijkt evident. Of we dat geld dan innen via de gewesten of via de federale staat is eigenlijk een secundaire kwestie. Transparantie op gebied van solidariteit tussen de gewesten, het innen van eigen belastingen, ‘responsabilisering’… zijn op zich niet slecht. We vergeten soms dat in de jaren zestig de (linkse) Waalse beweging meer economische onafhankelijkheid opeiste omdat ze haar programma van antikapitalistische structuurhervormingen afgeblokt zag door een conservatief Vlaanderen. Wat moesten we als Vlaamse socialisten dan zeggen? Nee, jullie moeten de eenheid van België bewaren?

 

De kwestie is dus niet wat men eist, maar wie het eist en waarom. De eis van responsabilisering van de gewesten is vandaag een eis van rechts in Vlaanderen, waarbij nationalisme wordt gebruikt om ‘de mensen’ tegen elkaar op te zetten en om een verborgen neoliberaal agenda te kunnen  doordrukken. Progressief Vlaanderen mag zich daarom niet op sleeptouw laten nemen door die redenering en moet vechten tegen de afbraak van de sociale zekerheid (remember Tony Judt?). Dat betekent CONCREET, binnen de huidige context, vechten voor een versterking van het federale niveau dat verantwoordelijk is voor de sociale zekerheid. De oproep van Rudy De leeuw moet dan ook  met 1000 procent worden ondersteund en uitgebreid, in de eerste plaats naar het ACW dat kleur moet bekennen. Het moet een eerste aanzet zijn om de huidige krachtsverhoudingen om te buigen in ons voordeel. Dan kunnen we nieuwe verkiezingen, die alsmaar waarschijnlijker worden, met meer vertrouwen tegemoet zien. Want zeg nu eerlijk, moeten wij vandaag echt hopen op een regering met De Wever?

 

Jean Lievens, 22 oktober 2010 

 

12:28 Gepost door Jan Lievens in politiek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: de wever, rudy de leeuw, progressieve frontvorming |  Facebook |

19-10-10

Het land is depressief

 

Nu het zogenaamde compromis van De Wever unaniem en razendsnel werd afgeschoten door alle Franstalige partijen, is een oplossing uit de institutionele crisis verder af dan ooit. Het resultaat is immers dat beide gemeenschappen zich radicaliseren en de splitsing van België, hoe ongewenst en onrealistisch ook, alweer een stapje dichterbij is gekomen.

 

Volgens een peiling van VTM staat vandaag 70% van de Vlamingen achter De Wever en zou 33% zich uitspreken voor een onafhankelijk Vlaanderen. Vorige week was dat laatste cijfer nog maar 18%. Langs Franstalige kant wordt niet meer gevochten voor het behoud van België, maar gedreigd met een mini-België, bestaande uit Wallonië, Brussel en de zes faciliteitengemeenten. Deze blufpoker moet qua realiteitsgehalte niet onderdoen voor het verdampingsscenario van België binnen  Europa dat De Wever als rad voor de ogen van de Vlamingen houdt.

 

OPI3_GEA2V46RA_1_FO_WEVERGENNEZ_jpg_275.jpg

 

De Belgische staatsconstructie is uiterst gecompliceerd en ondoorzichtig en vertoont inderdaad een belangrijk democratisch deficit. Het is voor een intelligent politicus als De Wever een koud kunstje om deze wankele constructie aan flarden te scheuren. Niet in de zin dat de N-VA voorman vandaag het land wil uiteenrijten. Hij beseft maar al te goed dat de prijs daarvoor zowel politiek als economisch veel te hoog ligt. De Wever wil niet België, maar wel het Belgisch compromis waarop de wankele staatsconstructie gebaseerd is, opblazen. Hij is vandaag uitgegroeid tot de onbetwiste politieke leider van Vlaanderen en in die hoedanigheid de stormram waarmee de Vlaamse regering haar Copernicaanse omwenteling eenzijdig door de strot van Franstalig België wil duwen. De ironie is dat hoe halsstarriger datzelfde Franstalig België zich daartegen verzet, hoe meer ze de separatistische demonen in Vlaanderen aanwakkert, hoe sterker ze De Wever maakt en hoe meer ze de Franstalige publieke opinie rijp maakt voor een splitsingsscenario.

 

Ondertussen doet geen enkele partij nog maar de moeite om met de zusterpartij aan de andere kant van de taalgrens eens te gaan praten over een gemeenschappelijk standpunt betreffende de staatshervorming. Ook de Groenen, die tot nog toe de minst sektarische attitude hadden tegenover de fetisj van de staatshervorming, staan vandaag lijnrecht tegenover elkaar. Nochtans is een terugkeer van federale partijen in de een of andere vorm een conditio sine qua non om op termijn de eenheid van het land te bewaren. Niet dat het behoud van België de eerste doelstelling moet zijn van de socialisten. De eerste bekommernis moet het bewaren (of liever opnieuw te bewerkstelligen) van de eenheid van de arbeidersbeweging zijn, ook om te vermijden dat mensen op basis van hun taal of woonplaats tegenover elkaar komen te staan. De socialisten waren tot voor kort in poleposition om massaal een politieke uitdrukking te geven aan  de drang naar eenheid die nog altijd massaal aanwezig is onder de werknemers in heel België, ook in Vlaanderen. Want solidariteit onder werknemers is geen vorm van altruïsme, maar een kwestie van puur eigenbelang. Er valt gemeenschappelijk immers heel wat te verdedigen in dit land: een federaal sociaal zekerheidsmodel, dat eens in stukken gehakt, niet langer dezelfde bescherming zal kunnen bieden.

 

Di Rupo was amper een paar weken geleden nog de tweede populairste politicus in Vlaanderen. Stel je voor wat het effect was geweest als hij samen met Gennez had uitgepakt met een gemeenschappelijk voorstel voor een “sociale staatshervorming”.  Indien de socialistische leiders samen zouden uitleggen dat achter de zogenaamde responsabilisering van gemeenschappen en gewesten een verborgen agenda van bezuinigingen op de kap van de werknemers schuilgaat (met de ambtenaren voorop), zou dat standpunt ook in Vlaanderen op heel wat steun kunnen rekenen. Waarom gebeurt dat niet, denk je? Waarom was de PS deze keer opvallend afwezig op het “congres” van de sp.a? Waarschijnlijk omdat het handiger is om aan de andere kant van de taalgrens te beschikken over een zondebok waarachter je je eigen onvermogen kunt verstoppen. Als puntje bij paaltje komt, eindigen ook de socialistische leiders altijd in ‘hun gemeenschap’ en komen ze zo tegenover elkaar te staan, tot grote ergernis van een groot deel van hun achterban. 

 

Als de politieke ontwikkelingen van de laatste drie jaar ons iets geleerd hebben, dan is het wel dat het fameuze Belgische compromis inderdaad zo dood is als een pier. En het failliet van het Belgische compromismodel vertoont parallellen met het onvermogen van de reformistische leiders van de sociaaldemocratie om de naoorlogse welvaartstaat doelmatig te verdedigen. Leterme was de eerste ‘respectabele’ politicus die het Belgisch overlegmodel opblies en koos voor de confrontatie. Dat is de essentie van zijn uitspraak over de “vijf minuten politieke moed”. Hij heeft daarmee de doos van Pandora geopend en de geest van het nationalisme van de Nieuwe Vlaamse Alliantie uit de fles gelaten.

 

bart-de-wever-260x300.jpg

 

Maar De Wever is, net als zijn historische voorgangers, geen ‘revolutionair’ nationalist. Hij is de moderne incarnatie van het kleinburgerlijke Vlaams-nationalisme dat historisch te laat op het toneel van de geschiedenis is verschenen en daarom nooit op eigen kracht Vlaanderen heeft kunnen ontwikkelen “van volk tot staat”. Omdat een onafhankelijk Vlaanderen met Brussel als hoofdstad een utopie is, heeft het Vlaams-nationalisme altijd een deus ex machina nodig gehad. Gisteren Duitsland, vandaag Europa. “Zonder de EU zou ik nooit de onafhankelijkheid van Vlaanderen bepleiten”, zegt De Wever. Maar als je gelooft dat België niet werkt omdat het bestaat uit twee aparte culturen en democratieën, hoe kan je dan in hemelsnaam ervan uitgaan dat Europa wel kan werken? “Ik geef toe dat dit een tegenstelling is,” zegt De Wever, en laat het daar verder bij. Deze zogenaamde reaalpoliticus, het prototype van de rationele Vlaming, moet telkens als de zaken concreet worden het antwoord schuldig blijven. “Dat is voor technocraten,” luidt het dan. Maar zijn technocraten vallen wel door de mand van zodra ze met de neus op de feiten worden gedrukt, getuige het inmiddels legendarische Phara-debat tussen Frank Vandenbroucke en Danny Pieters.

 

De echte technocraten zitten vooral aan de andere kant van de onderhandelingstafel. De PS is een politieke machtsmachine die beschikt over een indrukwekkend studiebureau. Op de website of in het verkiezingsprogramma van de PS zal je tevergeefs speuren naar een hoofdstukje over de staatshervorming. Maar de partij heeft bij wijze van spreken wel tot op de centiem uitgerekend wat een boedelscheiding zou kosten. Met andere woorden, niet de N-VA, maar de PS heeft een concreet scheidingsscenario in de schuif klaarliggen. Dat verklaart waarom Di Rupo zich met de snelheid van het licht heeft getransformeerd van Belgisch staatsman tot potentieel Belgisch separatist. Hij gebruikt de federatie Wallonië-Brussel weliswaar niet als een wenselijk vooruitzicht, maar dreigt er wel mee: “als jullie willen afscheiden, doe het dan, wij staan klaar”. Onckelinckx verwoordt het op haar manier: “De vrijheid heeft een prijs”. Tegelijkertijd weten ze maar al te goed dat “Vlaanderen” niet uit is op separatisme. Ze willen met die dreigementen in de eerste plaats de N-VA (die ze inderdaad niet betrouwen) isoleren, maar bereiken precies het tegenovergestelde omdat ze zo credibiliteit verlenen aan het splitsingsscenario.

 

Hoe moet het nu verder? Vergeet een compromis tussen de zeven. Zie je Bart De Wever en Elio Di Rupo nog samen in een regering zitten na alles wat gebeurd is? Nieuwe verkiezingen dan? De Wever ligt er waarschijnlijk wakker van. Hij mag er niet aan denken om morgen 40% of meer van de stemmen te halen (met dank aan zijn slippendragers van de CD&V, VLD en helaas ook de sp.a) . Wat moet hij dan doen als de Franstaligen njet blijven zeggen? De onafhankelijkheid uitroepen? Vechten voor Brussel? Gaan bedelen bij Europa om erkend te worden? Uitleggen aan de Vlamingen dat ze hun spaarcenten kwijt zijn omdat de haaien van de financiële markten het ten ziele gaande België kapot hebben gespeculeerd? Een ware nachtmerrie. Maar als zowel nieuwe verkiezingen als een coalitie van de zeven uitgesloten lijkt in de nabije toekomst, wat is dan wel nog mogelijk?

 

Zoals de kaarten nu liggen, stevenen we regelrecht af op een confrontatie tussen de gewesten en gemeenschappen, waarbij alle politieke entiteiten van dit land tegenover elkaar komen te staan, elk met hun eigen eisen. Zelfs de Duitstalige gemeenschap die tot nu toe deel uitmaakt van Wallonië, pleit vandaag voor een eigen gewest. Aangezien de traditionele politieke overlegmethodes niet meer werken, zal worden uitgekeken naar buitengewone methodes, zoals het bijeenroepen van een soort van Staten-Generaal (het kind zal wel een andere elio-di-rupo-facelift.jpgnaam krijgen, het koningshuis is heel inventief op dat gebied).

 

De universiteiten en studiebureaus allerhande hebben in de laatste jaren ook niet stilgezeten. Zo hebben de universiteiten van Namen, Leuven en Louvain-la-Neuve technocratische modellen uitgewerkt voor een herziening van de financieringswet, die niet eens zo gek van elkaar verschillen. Er bestaat alleen (nog) geen politieke wil om die voorstellen te realiseren. Elke rationele staatshervorming zal immers offers vragen in termen van politieke macht en geen enkele partij is bereid die zomaar op te offeren, behalve met het mes op de keel (bijvoorbeeld een aanval van de financiële markten op de Belgische staatsobligaties of een andere externe factor).

 

Een rationele staatshervorming zoals de concrete invulling van het fameuze artikel 35 van de Grondwet dat de federale bevoegdheden nauwkeurig omschrijft (wat doen we nog samen?) en de restbevoegdheden automatisch overlaat aan de gewesten en gemeenschappen, botst op de belangen van de huidige politieke hoofdrolspelers. De N-VA heeft er geen belang bij omdat dit de federale structuur van België versterkt. Maar ook voor de PS hoeft het niet echt, want daar luidt de redenering: ‘liever baas in het eigen appartement dan tweede viool in het gemeenschapshuis”. Plus: onduidelijkheid heeft ook zijn voordelen (al een concreet voorstel gehoord van de socialisten in dat verband?)… In elk geval, een politiek akkoord over een grondige staatshervorming is nog niet voor morgen. Ondertussen vervelt Leterme van stokebrand in stabiliserende factor. Het kan verkeren… Ondertussen wachten 25 miljard om bespaard te worden. De regering van lopende zaken werkt met twaalfden, wat op zich al een besparing inhoudt, en de ontvangsten vallen beter mee dan verwacht door het aantrekken van de economie. Tijd gewonnen, maar de verrotting woekert verder.

 

In laatste instantie blijft de staatshervorming een kwestie van centen en de plaats en de aard van de staat in de economie. Dit is een socialistisch verhaal bij uitstek, maar de waarheid is dat noch de sp.a, noch de PS, noch de socialistische internationale een echt alternatief bieden op het neoliberale verhaal. Verder dan variaties op hetzelfde thema (“natuurlijk moeten we bezuinigen”) zijn we tot nu toe niet gekomen. Het is de taak van de socialistische beweging in haar geheel, en de linkervleugel in het bijzonder, om werk te maken van een geloofwaardig alternatief dat breekt met de perverse logica van de “vrije” markt.

14:26 Gepost door Jan Lievens in politiek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bart de wever, staatshervorming |  Facebook |